Vooroordelen

Vandaag was de eerste rechtszitting in het kader van de aanklachten tegen Dominique Strauss Kahn. Op het Journaal was te zien hoe er leuzen tegen hem werden geroepen toen hij bij het rechtsgebouw aankwam. Strauss Kahn wordt afgeschilderd als een grote boef. Misschien is hij dat wel en zijn alle aanklachten terecht. Vanaf mijn (luie) bank kan ik dat niet bepalen. Strauss Kahn heeft in ieder geval één medestander: zijn advocaat. De meeste mensen lijken echter tegen hem te zijn. Diverse vooroordelen schieten door mijn hoofd: 'ja, ja, waar rook is, is vuur' of 'als er zoveel mensen tegen hem zijn dan zal het wel waar zijn'. Of 'bah, zo'n vieze ouwe man kan zich weer niet inhouden, hoor'.

Ineens moest ik denken aan een verhaal uit de Bijbel. Over Jozef en de vrouw van Potifar. Deze vrouw zag Jozef wel zitten. Jozef zag er tenslotte aantrekkelijk uit. Toen hij niet op haar avances wenste in te gaan, begon de vrouw van Potifar hem ineens te beschuldigen van aanranding. Zij had een sterke troef in handen: het kleed van Jozef. Jozef belandde in de gevangenis, terwijl hij niets had misdaan. Integendeel, hij had groot respect voor zijn meester Potifar, en wilde voor geen geld met zijn vrouw naar bed. Wat zouden de mensen in die tijd hebben gedacht toen Jozef werd voorgeleid? De aanklacht was toch niet mals? Wellicht dat ik hetzelfde zou hebben gedacht als nu bij Strauss Kahn.

Ik pleit niet voor de eventuele onschuld van Strauss Kahn. Een eerlijk proces zou moeten bewijzen of hij schuldig is of niet. Maar wat ik wil zeggen, is dat het als buitenstaander lastig is om een mening te vormen. Terwijl het zo menselijk is om je een mening te vormen. Het gaat vanzelf. Misschien moet ik mijn vooroordelen wel wat vaker met een korreltje zout nemen.

Reacties

Populaire posts